viernes, 31 de diciembre de 2021

Noticias Trail Running en Holandes - Berglopen




       


Nederlandse Taal Specialist websites

  • Serieuze bouwlamp voor je werkterrein...
    September 9, 2013
    Door: Michel Bekker
    De loopgroep hier waar ik lid van ben, heeft niet de luxe van een atletiekbaan. Wel pogen we iedere 6 weken naar het nabij gelegen Duitsland te gaan, alwaar we voor een klein bedrag een plaatselijke verlichte baan mogen gebruiken.
    Feit blijft dat wij zo’n 75% van onze trainingsavonden in het donker afwerken, op schaars verlichte straten, buurten, parkeerplaatsen en donkere trails.
    Verre van ideaal en dus hebben de meeste lopers van de dinsdagavond dan ook een hoofdlamp om enigszins veilig te kunnen lopen. Niet alleen het zien maar ook het gezien worden is het devies.
    Mijn eerste hoofdlamp was er een van de Aldi, kostte € 9,95 en door 3 AAA batterijen van voeding voorzien. Als je nog nooit met een hoofdlamp hebt gelopen, is dit al een uitkomst! Je ziet inderdaad een bundeltje licht en kunt eindelijk je klokje goed aflezen en bedienen. Tot dat een collega met een Petzl aan kwam zetten maar liefst 50 lumen aan licht. Snel nog even naar de winkel gereden en ook een exemplaar gekocht, niet meer voor een Aldi prijs maar je hebt wat over voor je hobby! En inderdaad was dat een vooruitgang, meer lichtopbrengst en een beter draagcomfort en zag er ook nog eens meer profi uit.
    Wat wel bleef was het batterijen gedoe. De geleidelijke afname van de lichtbundel bemerkte je altijd pas als er (alweer) een paar nieuwe Duracelletjes ingegaan waren. En dus bleef mijn focus gericht op een “echte” hoofdlamp,  zeker ook met het oog op de nachttrails die wij wel eens ondernemen en waarbij al snel duidelijk werd dat er een "bouwlamp" wenselijk is.
    Nu wil het toeval dat mijn vrouw veel boeken leest en ik op een onbewaakte vrijdagavond meeging naar de Bieb. Terwijl Wilma haar boeken verzamelde, pakte ik een mountainbikeblad met daarop in vette letters “ test fietsverlichting “. Al snel vergaapte ik me aan zoveel moois dat in de handel te verkrijgen bleek. Waarom weet ik niet, maar de lampjes van het merk Lupine dreven mij naar hun website.
    Op deze schitterende website kun je jezelf vergapen aan de gedetailleerde info die geven wordt over hun verlichtingsproducten, naast de avontuurlijke filmpjes en foto’s ervan. Mijn aandacht werd het meest getrokken door de kleinste hoofdlamp, de PIKO.
    Ik weet nog dat ik het toen bijna onvoorstelbaar vond dat dit kleine ding 500 (geen typefout) lumen aan licht bracht! Eveneens een groot voordeel is zijn oplaadbare accu en zijn lichtgewicht. Kost een beetje, dat wel, en waarschijnlijk was dit de reden dat ik al 10 x de gehele site beken had alvorens tot bestellen over te gaan.
    Maar… als ik ergens GEEN spijt van heb, dan is het wel van deze aankoop. Wat een geweldige hoofdlamp. Nu had ik echt de bouwlamp die ik graag wilde. Hij is zo licht, zelfs met de batterij achter op de hoofdband gemonteerd, dat je er tijdens het lopen niets van bemerkt.
    Ook tijdens de eerste Petzl Nighttrail (Bergschenhoek) was deze lamp mijn gids, zonder gebreken doet hij nu alweer bijna 3 jaar dienst. En toch…toch bleef ik regelmatig de Lupine site bezoeken totdat……ik een update zag naar 900 lumen. Het blijkt dat de LED’s en ook de batterijen nog steeds doorontwikkelen.
    Een ander groot voordeel van deze lichtsterke lampen vind ik zelf dat je hem op 10% kunt instellen (de lichtsterkte is zelf qua sterkte in etappes programeerbaar en daarmee batterijsparend) waarbij je dan nog steeds 120 lumen licht hebt, en er 21 uur mee kunt lopen. Dit is van belang voor de langere trails.
    Ik kon het niet laten voor deze update versie te gaan en daarbij mijn huidige lamp aan Wilma te overhandigen.
    Nu heeft dit merk 2 nadelen (vind ik):
    - Ten eerste het dealernetwerk is minimaal. Je kunt ze nml. niet bij Lupine zelf kopen. Via internet kom je er uiteindelijk wel achter (inmiddels is de 900 lumen versie alweer ingehaald door opvolgende versies en vaak als aanbieding verkrijgbaar).
    - Ten tweede de prijs, die is welliswaar fors (!) te noemen maar je krijgt meer dan waar voor je geld. Dus is het aan jezelf te bepalen of je dit een nadeel vind en die investering wil doen.
    Als ik mag tippen: mocht je overstag zijn, kies dan de Piko X duo, deze heeft 2 batterijen (1 reserve dus) waarvan er 1 in de smartcore versie die voorzien is van rode ledjes aan de achterzijde, zodat je hiermee ook nog eens een achterlicht hebt. Verder vind je alles op de site van Lupine.
    Voor je het weet wordt het weer vroeger donker en dient de eerste nighttrail zich weer aan…..je kunt je bouwlamp maar beter in huis hebben!
  • Overlijdensbericht Chinese deelnemer Tor des Géants
    September 9, 2013
    De Organisatie van de Tor des Géants heeft zojuist via een officieel bericht bekend gemaakt dat één van de deelnemers is overleden tijdens de race als gevolg van een ongeval vannacht. Het ongeluk gebeurde in de afdaling van de Crosatie. De atleet is overleden aan hoofdletsel. De nationaliteit van het slachtoffer is waarschijnlijk Chinees, dit moet nog officieel worden bevestigd. Gedurende de dag, zal de organisatie meer details communiceren over het ongeval.
    Door naar de website van de Tor de Géants
    Dit bericht bereikt ons nagenoeg gelijk met het bericht dat Kilian Jornet en Emelie Forsberg gelukkig wel veilig van de Mont Blanc konden worden gered. Zij werden door het slechte weer overvallen. Nadat dit lang aanhield (en zij beperkt extra kleding mee hadden) waren zij genoodzaakt de reddingsdienst te bellen om weer veilig van de berg af te komen. Lees meer...
  • Scott Offroad run 2013 - afgelasting
    September 8, 2013
    INGEZONDEN NIEUWSBERICHT ORGANISATIE SCOTT OFFROAD-RUN
    Door technische problemen met de kleedkamers en het uitblijven van een volwaardig alternatief zien we ons als organisatie genoodzaakt om het evenement op 15.09.2013 af te lassen.
    Als organisatoren van de SCOTT offroad run willen we enkel gaan voor het beste. En het uitblijven van douches, zelfs kleedkamers zou, de weersomstandigheden en de massale opkomst/voorinschrijvingen in 2013 in acht genomen, een hele ontgoocheling zijn voor vele atleten. Hierdoor lijkt het ons wenselijk de 2e editie pas in 2014 te laten doorgaan. Beter té voorzichtig handelen en voorkomen dan het risico nemen om voor zondag een oplossing te zoeken die achteraf niet blijkt te voldoen.
    De gemeente Roosdaal beloofde alvast al haar medewerking om voor 2014 een probate oplossing aan te bieden.
    Atleten die hun voorinschrijving reeds betaalden krijgen hun geld in de loop van volgende week volledig teruggestort.
  • CCC 2013.....deel 1 van 2
    September 7, 2013
    Ik heb een week lang getwijfeld of ik in de pen zou klimmen om een verslag over m’n droomwedstrijd de CCC te gaan schrijven. Deze race was voor mij mentaal zo zwaar dat ik geen helder beeld meer van de wedstrijd voor ogen heb en dat komt het verslag natuurlijk niet ten goede. Ook heb ik een klein beetje een zure smaak overgehouden aan mijn vormpeil op ‘de grote dag’ en dat motiveert natuurlijk ook niet echt om een verslag te schrijven.
    En toch ik denk dat ik wel wat te melden heb. Deze keer niet een verslag van een glorieuze tocht, maar meer een stuk achtergrond over het waarom en vooral hoe. Als laaglander is een stap naar zo’n trail namelijk nogal groot en al helemaal als je onder zeeniveau woont, zoals ik…
    Even terug in de tijd. We schrijven 2008, ik ben na 20 jaar voetballen net gestopt met deze sport en kom net vers terug van de top (jawel!) van de Mont Blanc. Duursport is waar ik me op wil gaan richten en stiekem denk ik al aan een eerste marathon in het voorjaar van 2009. Ergens in dat najaar van 2008 loop ik tegen een Runnersworld aan waarin een artikel stond wat ik met stijgende verbazing las, en herlas en nog eens herlas… Een ‘hardloopwedstrijd’ van 160 km en 10.000 hoogtemeters rond het Mont Blancmassief genaamd Ultratrail du Mont Blanc. De 10-12 daagse wandeltocht genaamd de Tour du Mont Blanc wordt hiermee teruggebracht tot een ‘tochtje’ van maximaal 46 uren. Wowww dat geloof je toch niet? Ik heb door de Mont Blancbeklimming m’n hart verpand aan het massief en aan het bruisende Chamonix, sta aan de vooravond van een ‘hardlooploopbaan’ en lees een artikel over een wedstrijd die ver buiten mijn belevingswereld valt… En toch daar is het zaadje gepland voor mijn CCC-deelname, want wie weet ooit… En dan geen TDS (die het UTMB-parcours niet volgt, maar door de technische aard van het parcours me waarschijnlijk wel beter zou passen), maar de CCC.

    Echt concreet werd deze deelname 2 jaren geleden na de Trail des Fantomes. M’n eerste Ardennentrail waarmee ik het benodigde kwalificatiepunt binnen had voor de CCC. Die CCC leek mij namelijk wel haalbaar en door een jaar lang specifiek door te trainen na Fantomes leek het mij dat ik deze wedstrijd ook wel zou kunnen finishen. Dus loten voor de editie van 2012 en helaas, helaas, uitgeloot! Er zit nu nog een deuk in m’n bureau van de frustratie toen ik het woordje ‘refused’ zag staan!
    En toch die uitloting was, achteraf bezien, gewoon prima. De editie van vorig jaar werd gekenmerkt door ontzettend slecht weer en lage temperaturen. De race werd ingekort en de CCC werd, naar mijn idee, onthoofd. En als ik deze dan toch loop, dan wel graag het originele parcours en met een beetje uitzicht op de prachtige bergen. Ook had ik denk ik nog niet klaar geweest voor de CCC in 2012. Ik heb dus een jaar lang verder kunnen ‘rijpen’ en dat heeft me geen windeieren gelegd.
    Eind augustus 2013 zou het dus moeten gebeuren. Dat was een ding wat zeker was. Mijn seizoen zou t/m april draaien om de ’60 van Texel’. Een vlakke ultra op het mooie Texel. Naast het lopen van trails loop ik namelijk ook graag de Nederlandse natuurultra’s welke ieder voorjaar worden georganiseerd. ‘De 60’ werd een groot succes! In diepvriestemperaturen liep ik de perfecte race en liep bijna een uur van mijn tijd van 2011 af. De eerste stap richting CCC was dan ook goed gezet!
    De periode na Texel zou ik me omvormen van een vlakke ultraloper naar een trailloper. Ik zou meerdere trails (in de Ardennen) gaan lopen. Hele specifieke trainingen opnemen in mijn trainingsprogramma en ook de zomervakantie in de Zwitserse/Franse Alpen zou ik, een aantal weken voor de CCC, heel specifiek kunnen trainen.
    Na een goed herstel van Texel begon ik in april m’n specifieke trainingen uit te voeren. Een groot gedeelte van de input kwam uit de hoge hoed van Thomas Dunkerbeck tijdens de masterclass ‘De stap naar ultratrailen’ van MST (nogmaals dank!). Op Goeree Overflakkee (zeg maar Zeeland) valt het namelijk niet mee om geschikt trainingsterrein te vinden, dus moet je op zoek naar alternatieven. Een zak grind van 15 kg in je rugzak, een opstapje van zo’n 40 cm, stevige muziek in de oren en ‘steppen’ maar, bijvoorbeeld! Of wat te denken van een kunstmatige heuvel van 15 meter in de wijk (door mij liefkozend ‘Mount Matthew’ genoemd), 5 kg water in de rugzak, stokken mee en 40 keer dat ding op en neer klauteren. En als laatste; m’n lange duurlopen werden voortaan in het bos van Westerschouwen (terrein Trail by the Sea) afgelegd. Als een neuroot de paaltjesroutes van Staatsbosbeheer herhalen (soms 4x dezelfde route) om maar aan wat hoogtemeters te komen. Verder dan 600 hoogtemeters op 55 km ben ik trouwens niet gekomen…
    Gedurende de Bouillonante in april ontstond stiekem het idee om de Ardennes Mega Trail te gaan lopen half juni. Marjolein (Bil) won namelijk een startbewijs en ik had ook wel trek in deze wedstrijd. AMT is namelijk 3 punten waard en CCC ook, dan nog een éénpunter erbij en je kunt loten voor… Je kunt ze maar hebben toch die punten? En trouwens, AMT is een prachtige wedstrijd die bijzonder zwaar is, met 88 km / 4.800 hoogtemeters eigenlijk een Bouillonante XL.

    AMT werd een ontdekking van mezelf! Ik liep vrij kort in het klassement en kwam erachter dat ik meer tot m’n recht kom als het heeeel lang duurt en niet meer om hardlopen draait. Hoe technischer hoe beter leek het wel. Wat een kick gaf dat zeg!
    De laatste bouwsteen richting de CCC was de tweeweekse zomervakantie in de Zwitserse en Franse Alpen. In deze twee weken liepen mijn vrouw en ik zo’n 7 wandeldagen van een uurtje of 5 bij elkaar en daar voegde ik nog 8 trainingen aan toe, waarvan 2 van 5 uren met 2.000 hoogtemeters. Het lijf voelde al ontzettend sterk tijdens AMT, maar nu bleek ik ook de lange klimmen en afdalingen goed te verteren. Het moraal richting de CCC kon niet veel groter worden dan dit…
    Maar toen sloeg het noodlot toe! Vanuit het niets een voorhoofdsholteontsteking, die zo heftig was dat ik het niet zonder de huisarts af kon. En die schreef doodleuk antibiotica en Prednison (!!!) voor, waardoor ik binnen 3 dagen opgeknapt was en en passant dacht weer te kunnen gaan trainen. Ik had namelijk een laatste piekweek op het programma staan… Dom, dom, dom besef ik nu achteraf. De trainingen hier in Nederland gingen nog wel, maar de Trail des Fantomes was waarschijnlijk de doodsteek. Zowel m’n hoofd als lijf had ik thuis gelaten met als resultaat dat ik (waarschijnlijk) over het randje ging wat betreft inspanning en ook nog eens een km of 7-8 extra liep… Twee dagen erna was ik bijna weer terug bij af met een weer opkomende ziekte, die gelukkig niet doorzette. Let wel even op, dit was dus 1,5 week voor de CCC. Daar ging m’n topconditie!
    En dan uiteindelijk de CCC-week in het Holland House. Een fantastische groep TDS-ers en CCC-ers in een prima chalet in de sporthoofdstad van Europa, Chamonix. Wat bruiste het daar zeg! Een hele week wedstrijden, duizenden trailers van over de hele wereld. Geweldig! Dit was ook de reden waarom ik hier wilde lopen. Wat mij betreft is de Ultra Trail du Mont Blanc namelijk HET trailevenement! Zij waren 10 jaren geleden trendsetter met deze wedstrijd en zijn (denk ik) nog steeds koploper op het gebied van organisatie, livetracking, multimedia etc.
    In deze week acclimatiseerden (vaak een ondergeschoven kindje, onterecht!) wij een nacht in Refuge Lac Blanc op 2.300 meter. Voor mij heel nuttig, want door de bergsport weet ik dat ik een hele trage acclimatiseerder ben. Het was dus weer prijs in de hut, hoogteziekte! Maar goed, afdalen en het is zo weer over en die boost op hoogte is dus niets voor niets. Verder vooral sfeer proeven in Chamonix en in ‘the mood’ raken voor zover dat nog nodig was.
    Op woensdag werd het echt spannend in het Holland House. De TDS ging namelijk van start. En hoe moeilijk is het dan om je concentratie bij je eigen wedstrijd te houden. Vooral het goede presteren van Marjolein en Ronnie prikkelde enorm en dan sta je opeens (2 nachten voor je wedstrijd dus hoogst onverstandig, maar het gaf zo’n kick) om 3 uur ’s nachts in een uitgestorven Chamonix om hen binnen te halen. Ik zou het zo weer doen, maar dan alleen als ik zelf niet daags daarna een wedstrijd loop... Ook het vermelden waard zijn trouwens de prestaties van Jerry en Stella. Dit tweetal liep ook heel solide naar de streep met prima classificaties!
    En dan de CCC. Ja inderdaad nu (na 2 kantjes J ) pas. En over die CCC kan ik eigenlijk heel kort zijn. Het was het mooiste wat ik ooit heb meegemaakt op sportief gebied! De start met het kippenvel meters dik op de armen, de tranen in de ogen, in één woord geweldig! Daar staan, na 2 jaren, met heel veel trainingen en ook veel dingen (vooral op sociaal gebied) die je hebt gelaten en dan na het startschot mag je eindelijk, heerlijk! Maar ook het lopen op 2.000 meter in het licht van je hoofdlampje, Chamonix voor je in het dal en dan als een raket afdalen over een vrij technisch parcours en en passant nog ‘even’ 45 deelnemers inhalen in 8 km. Dat is de reden waarom je al die krachttraining heb gedaan!
    En als laatste natuurlijk de finish! Ook al was het een mentale (en later ook fysieke) lijdensweg, je haalt het toch wel mooi en achteraf bezien nog geeneens op zo’n beroerde plaats in het klassement.
    Naast dat de CCC het mooiste is wat ik op sportief gebied heb meegemaakt was het ook een regelrechte lijdensweg! Door m’n voorbereiding waarin ik, zo min mogelijk, aan het toeval had overgelaten en ook de goed gelopen AMT had ik namelijk ambitie. Ambitie om te lopen voor wat ik waard was, wat dat ook in zou houden. En als je dan na een paar uren in de wedstrijd merkt dat je totaal ‘geen benen’ hebt ga je twijfelen aan jezelf en zelfs aan uitstappen denken. Nou het heeft een paar uren gekost om tot de conclusie te komen dat ik dit in ieder geval af wilde ronden, want 2 jaar ergens naar toe werken en dan uitstappen omdat ‘het even tegenvalt’… No way!
    Ondanks dat de laatste 3 beklimmingen (vanaf km 55) hels waren, ben ik blij dat ik heb doorgezet. Ik ben dieper bij mezelf gegaan dan dat ik ooit heb moeten doen, maar ik ben ervan overtuigd dat ook dit me weer sterker maakt. Daarnaast ben ik in een aantal valkuilen gestapt waar ik (hoop ik J ) in de toekomst zeker niet meer instap, laat ik deze nu eens als tips meegeven aan mezelf en ook aan degenen die hier iets aan denken te hebben.
    Om te beginnen; luister naar je lijf en niet naar je schema! Niet doortrainen omdat het toevallig op de kalender staat. Liever fit en uitgerust aan de start met een training minder dan net die training doen die de druppel is om je lijf over het randje te tillen…
    Daarnaast focus helemaal op je eigen wedstrijd! Laat de rest maar lekker hun wedstrijd lopen, die van jou is namelijk veel belangrijker!
    En als laatste; geniet van je wat je doet en onthoud goed dat hoever je ook naar de sodemieter bent, je kunt en moet altijd door. Opgeven doe je maar een andere keer!
  • Een nachtje doorhalen, inside the UTMB!
    September 6, 2013
    Waarschijnlijk heeft iedere trailrunner wel trails/wedstrijden die hij of zij gelopen wil hebben. Eén van de trails op mijn verlanglijstje was de Ultra Trail du Mont Blanc (UTMB). Van de  UTMB wordt gezegd dat het één van de zwaarste ultratrails van Europa is, hoewel het aantal deelnemers (2300!) bijna anders doet vermoeden. De UTMB is 168 km lang en heeft 9.600 hoogtemeters en loopt om de Mont Blanc heen. De deelnemers lopen van Chamonix in Frankrijk door Zwitserland en Italie, weer terug naar Chamonix.
    Dit jaar werd ik (samen met mijn loopmaatje Jacomina) ingeloot voor de UTMB, die door ons werd omgedoopt tot “Rondje Berg”. En toen het besef kwam dat we daadwerkelijk konden gaan starten, bleek er nog veel werk aan de winkel. Ik had nog nooit verder dan 100 km gelopen, hoe kon ik me optimaal voorbereiden? Hoe zwaar zou die rugzak wel niet worden met al die verplichte materialen? Moest er geslapen worden onderweg? Hoe doe je dat met voeding? Er waren in ieder geval genoeg dingen om mee te experimenteren.
    Maar na negen maanden experimenteren, trainen, materialen testen, routes verkennen was het dan afgelopen weekend eindelijk zo ver. Op vrijdag 30 augustus omstreeks 16:00 uur stond ik met een lijf vol zenuwen in Chamonix aan de start van het “Rondje Berg”.

    Even voor half vijf klonken de klanken van Conquest of Paradise van Vangelis. Hoe toepasselijk is dat lied, waarbij je in het refrein wordt toegezongen dat dit het uur is om naar de sterren te reiken en te geloven in je eigen kracht. Bij de klanken van de muziek giert de emotie door mijn lijf. Alle voorbereidingen, de euforiemomenten maar ook onzekerheden, de mooie trainingsmomenten, de tegenslagen, de dingen die je hebt moeten laten en de dingen die je in het afgelopen jaar hebt bereikt. Ze komen allemaal op dit moment samen. Ik pink een traantje weg en zie menig loper om me heen hetzelfde doen. Dan volgt het aftellen... en is het startsein eindelijk daar. Er zijn zoveel deelnemers dat het meer dan 10 minuten duurt voordat ik over de startlijn ben, maar dan is de race toch echt begonnen. De eerste 31 kilometer naar Les Contamines loop ik in een roes tussen alle lopers en het enthousiaste publiek. Na Les Contamines wordt het schemerig. De zon verdwijnt achter de bergen en al snel zet de duisternis in. De hoofdlampen worden aangezet. Wanneer we bij Notre Dame de la Gorge komen, is deze al mooi verlicht en onder luid gejuich en geklingel van koebellen gaan we de eerste nacht in. Vanaf daar gaat het snel omhoog naar La Balme en de Col du Bonhomme. Aan de voet van de Col du Bonhomme gaat er een lint van hoofdlampjes de berg op, op weg naar de top op 2.443 meter. In het donker ben ik mijn loopmaatje kwijtgeraakt en ik loop de hele nacht alleen. Iedereen is zo stil en ik vraag me af of de andere lopers ook zien hoe mooi de sterrenhemel is en hoe scherp de maan afgetekend staat tegen de zwarte lucht, maar in de afdaling naar Les Chapeux moet ik mijn aandacht toch echt bij het pad houden en heb ik geen tijd meer om op de omgeving te letten. Ik probeer zo soepel en snel mogelijk naar beneden te rennen, maar die moeite blijkt voor niets te zijn als ik in Les Chapeux 25 minuten in de rij moet staan voor een materiaalcontrole en een drankje. Terwijl een lokaal bandje de lopers voorziet van wat vrolijke hoempapa-muziek staan de lopers gelaten te wachten op hun beurt.

    Na deze ongeplande stop ren ik gauw verder. Er volgen 5 kilometers van licht stijgend asfalt op weg naar de Col de la Seigne (2516 m en gelukkig weer onverhard) en daarna Lac Combal. De weersomstandigheden zijn ideaal, de nacht is helder en ik heb het deze nacht geen moment echt zwaar. Ik verwacht dat de vermoeidheid of slaperigheid zo rond 3:00 uur ’s nachts wel zal toeslaan, maar dat gebeurt gek genoeg niet. Zouden al die nachtelijke trainingen in het weekend dan toch effect hebben of zit mijn lijf gewoon vol met adrenaline? Ik passeer de ene na de andere loper en voor ik het weet komt de zon alweer op. Rond half zeven ’s ochtends kom ik in het Italiaanse Courmayeur aan, waar mijn trouwe assistent en supporters al staan te wachten. Ik laad een nieuwe voorraad voedsel in mijn tas, eet even wat en drink een paar bekers cola. Vervolgens ga ik weer op pad. Er volgt een stevige klim naar Refuge Bertone en Refuge Bonatti. Daar aangekomen ben ik van de 1637e  naar de 471e plaats opgeschoven. De benen voelen nog steeds goed en vol goede moed ga ik dan ook op weg naar La Fouly, maar de lange afdaling naar dit dorpje voel ik toch wel stevig in de benen. In La Fouly bedenk ik me voor het eerst dat ik “nog maar” 108 km achter me heb en dus nog 60 kilometer te gaan! En door alle voorverkenningen weet ik dat daar nog behoorlijk wat hoogtemeters in zitten. Gelukkig loop ik het stuk van La Fouly naar Champex-Lac gelijk op met een Brit, waar ik een praatje mee kan aanknopen. Zo vliegen de kilometers onder onze voeten door en voor ik het weet zijn we in Champex! Aldaar besluiten we om bij elkaar te blijven, omdat we allebei wel opzien tegen de komende nacht. Zo lopen we samen op naar Trient en Vallorcine. Daar komen we in het donker aan, maar gelukkig is het dan “nog maar” 19 km. Ook hier werpen alle voorbereidingen vruchten af. In de afgelopen maanden heb ik de laatste berg, de Col des Montets meerdere malen gelopen en (in tegenstelling tot veel andere lopers) weet ik dus hoe steil en technisch deze berg is. Ik weet dus wat ik kan verwachten en besluit om in hoog tempo omhoog te gaan (want daar zit mijn kracht) en in de afdaling het tempo terug te nemen (want dalen is mijn zwakke punt). Nu ondervind ik toch wel aan den lijve dat dit de tweede nacht zonder slaap is. Mijn evenwichtsgevoel is wat van slag en ik moet me goed focussen op het pad, althans die berg rotsblokken die er voor door moet gaan. Daarom loop ik bijna tegen een enorme steenbok met grote, geribbelde hoorns op. Even stokt mijn adem: wat een mooi beest en zo dichtbij! Het dier lijkt helemaal niet bang te zijn en lijkt ook niet voornemens uit de weg te gaan. Ik zet mijn hoofdlamp even op de hoogste stand (standje bouwlamp) en dat heeft effect: langzaam stapt hij van het pad af en kan ik mijn weg vervolgen. Om 1:45 uur kom ik aan in La Flagiere. Dan volgt er nog een lange afdaling naar Chamonix. Hoewel Chamonix al een tijdje in zicht is, is de route naar de finish nog lang en technisch. Inmiddels heb ik behoorlijk wat blaren en omdat ik vrijwel geen lopers om me heen heb, besluit ik rustig aan te doen en geen risico’s te nemen. Maar wanneer het pad breder en iets minder steil wordt en ik heel in de verte de geluiden van de finish kan horen, ga ik toch weer rennen. Zodra ik het asfalt van Chamonix onder mijn schoenen voel versnel ik mijn pas. Ik kijk zo uit naar de finish! Ik vlieg langs de vrijwilligers die om kwart over drie ’s nachts nog langs de route staan en dan is ‘ie eindelijk daar: Ik zie de finishboog! Om 3:15 uur, na 34:45:54 uur finish ik de UTMB. Het gevoel wat je hebt wanneer je de finishlijn passeert is met geen pen te beschrijven! Het is alle voorbereiding en de pijntjes en vermoeidheid waard! 
    tekst en foto's: Chantal van der Geest

    Meer info over de UTMB: http://www.ultratrailmb.com/
    De resultaten van de Nederlanders in 2013:
    • Chantal van der Geest: 34.45 uur
    • Jacomina Eijkelboom 37.04
    • Jos Evers en Jan Struyken 38.47
    • Mike van Berkel 40.15
    • Erik Jacobs 42.05
    • Jolanda Ardon 42.52
    • Esther Sweeris 44.48
    Gefeliciteerd met jullie resultaten! Laat het een inspiratie zijn voor velen in 2014 en 2015.



















































































































































    -
  • Tor Des Geants: voorbereidingen op een reus
    September 4, 2013
    voorbereiding, tor des geants, gideon zadoks
    Er bereiken mij nogal wat vragen over de voorbereiding op de Tor Des Geants ; een trail van 330 km non-stop door de Italiaanse Alpen. Vragen uit nieuwsgierigheid en omdat een enkeling speelt met de gedachte om ooit……….……  Hieronder mijn antwoorden op FAQ
    Cijfers zeggen niet alles...
    Voor velen is de Tor Des Geants een grote Goretex Trans Alpine. Ondanks dat de TDG maar 50 km langer is bevat hij 2x zoveel hoogtemeters. 280 km en 12000mD+  voor de TA  versus 333 km en 24.000 mD+ voor de TDG.  En meestal geldt : hoe steiler de trail hoe ruiger.
    De TA wordt gewonnen in 28 uur, 10 km per uur. De TDG wordt gewonnen in 76 uur. Na aftrek van de slaaptijd (3 uur voor de winnaars) betekent dat nog altijd minder dan 5 km per uur.
    Het finisherspercentage van de TDG ligt tussen de 50 & 60% in een gemiddelde tijd van ruim130 uur. Volgens een amateur-statisticus bestaat ¾ van de finishers uit zeer sportieve bergbewoners en lopers (m/v) die bij ultratrails in het eerste deel van de klassementen eindigen. Ik zie zelf de TDG meer als een vervolg op 100 mijlers in de bergen (of andere trails waarbij je 24h of meer onderweg bent)  dan als een vervolg op een etappeloop als de TA of de 4-Trails waar je 3/4 van de dag rust. Je zelf, onder alle omstandigheden, op je gemak voelen op kleine verlaten bergpaadjes is een must.

    Persoonlijke voorbereiding

    Na deelname in 2010 & 2011 sla ik 2012 over. Mentaal breng ik het niet op om me vol enthousiasme in te schrijven. Dat geeft me de gelegenheid om de race in 2012 van achter de computer te volgen. Gelukkig wordt ik ingeloot voor de 2013 editie.
    Verbeterpunten zijn er altijd dus maak ik een analyse van m’n vorige deelnames. Ik besluit ondanks mijn geslaagde TDG 2011 alles ter discussie te stellen.

    Wedstrijd indeling
    Hoe deel je een ruim 100 uur durende wedstrijd in ? Waar, waneer en hoelang slaap je? Waar valt tijdverlies te beperken. De zelfkennis die ik in de eerste 2 edities opdeed moet goed gebruikt worden. Onderzoek van de gebroeders Millet, beiden TDG podiumbeklimmers en werkzaam als physiologisch onderzoeker (Lausanne / St Etienne) verschaffen nog wat inzichten. Ik maak meerdere wedstrijdplannen mbt eten, rust en slapen.

    Voeding
    Daar valt winst te halen. Inmiddels heb ik helaas al vele malen bewezen dat ik het best een uur of 10 misselijk en zonder energie inname uithoud tijdens een wedstrijd. Maar ideaal is het zeker niet. Ik sla aan het gel mengen en test het resultaat tijdens meerdere wedstrijden uit. Eigen gel, waarvan ik 2 kilo meng, aangevuld met hartige zaken op de ravito’s wordt het protocol. De Italiaanse ravitos zijn  vaak culinaire hoogstandjes.

    Materiaal
    Ondanks dat mijn materiaal prima voldeed probeer ik het te verlichten. Ik test  met succes andere lichtere schoenen (brooks cascadia) en keer toch terug naar het comfort van m’n vertrouwde Salomon XT Wings. Een lichtere zeer stabiele rugzak (raidlight) krijgt m’n goedkeuring maar het geklots van de bidons zit te dicht bij m’n oren ; terug naar m’n vertrouwde tasje dat ik nog eens met schaar, naald en draad bewerk. De langere korte broek, die ook als regelementaire lange broek mee mag valt af. Uiteindelijk vervang ik alleen een Petzl hoofdlamp voor een zeer lichte en krachtige Stoots lamp. De verplichte uitrusting is wat mij betreft ook de noodzakelijke uitrusting. Bij slecht weer kan er altijd nog een regenbroek bij.
    De geplande 2 kilo gewichtsbesparing door zelf wat af te vallen gaat jammerlijk de mist in.

    Training.
    Ook in de training leg ik het accent anders. Minder op quantiteit, meer op kwaliteit.
    Meer interval training ; de stijgsnelheid kan in theorie best wat omhoog.  Eén of twee keer in de week een korte krachttraining. Minder en kortere lange duurlopen. Meer hoogtemeters.  Bij m’n wekelijkse heuveltraining sjouw ik een 6 kg rugzakje mee ; ruim 2x zo zwaar als m’n maximaal volle race rugzak. Ook ren ik daarmee niet meer omhoog, maar wandel ik. De afdaling moet steeds sneller. Lange duurlopen doe ik nog maar zelden.
    Bij m’n nieuwe trainingsopbouw merk ik dat er een grotere aanslag wordt gedaan op m’n herstel capaciteit. Komt dat door m’n leeftijfd of door de hogere intensiteit ?!
    De laatste 3 weken voor de TDG bouw ik m’n training af. Steeds minder en kortere trainingen, meer rust en een goede ‘slaapvoorraad’ opbouwen. De laatste 3 dagen voor de start zoveel mogelijk rust. Achterstallige administratie wegwerken !

    Voorbereidende wedstrijden.
    Generale repetitie is de Ronda del Cims in Andorra eind juni. Een stevige 100 mijler. Die verloopt niet heel soepel, ik zit nooit lekker in de race. Hopelijk zorgen de kleine ‘foutjes’ ervoor dat ik extra alert ben als het ‘showtime’ is.
    Eind juli sta ik aan de start van de UTB ; 102 km Franse Alpen, een absolute aanrader qua sfeer en parcours. Het is m’n enige echt lange training waarbij ik nieuw materiaal test en ik me concentreer op de mentale kant van de TDG.

    Mentale training

    Tijdens m’n talloze interval trainingen laat ik alle cols vele malen de revue passeren ; bij dag, bij nacht, bij zon, regen en sneeuw. Ik probeer me in te beelden dat ik de paar saaie vlakke stukken ren. Ik oefen me in het oplaan van mooie positieve beelden in m’n geheugen en om ze weer op te roepen. Ik verzin mantras die me gaande kunnen houden.Ik repeteer en repeteer. Ik weet dat alles wat op dit gebied geen automatisme is door de vergaande vermoeidheid niet gaat werken tijdens de race.

    Rechts Gideon, bij één van de clinics


    Deelnemers
    Er zullen ruim 650 lopers van de start staan. Naast de podium beklimmers van de 3 vorige edities zijn  er ook een aantal uitgenodigde, zeer snelle lopers. Bij de 14 deelnemende belgen vallen de namen Bernard Godon en Isabelle Ost op.
    Uiteraard staan er nog een paar Nederlanders aan de start; Robin Kinsbergen, Mayke Teurlings, Eric Teurlings en Eric Goutier. Het verloop van de wedstrijd is vanaf zondagochtend 7 september te volgen op http://www.tordesgeants.it/
  • Just Aap (Trail)Run....
    September 4, 2013
    Direct na de aankondiging dat de Just Aap Run dit jaar voor het eerst een trail van 16 km zou hebben kwam de vraag ‘kan je daar wel een echte trail uitzetten?’. Daar is sowieso geen eenduidig antwoord op te geven, gezien iedereen zijn eigen kwalificatie van ‘trail’ lijkt te hebben. Maar ach, voor die 4,50 euro inschrijfgeld (die ook nog eens ten goede komt aan Stichting AAP) wilden wij (vriend Stephan en ik) best eens kijken of het daar een beetje trailwaardige omgeving is.

    Nadat we heerlijk hadden uitgeslapen tot half 9 (toch wel fijn als de start pas om 11 uur is), stapten we om half 10 in de auto naar Almere. De start/finish locatie was heel makkelijk op aan te rijden, parkeerplaatsen waren er in overvloed, het startnummer was in no-time opgehaald en het weer werkte ook nog mee. Hoeveel beter kan een sportieve dag beginnen? We kwamen vrij vooraan in het startvak te staan (alhoewel dat met ongeveer 60 deelnemers al snel zo is), en binnen 50 meter na de start werden we dwars door een stukje bos gestuurd (met meteen de eerste struikelpartij voor ons tot gevolg). Na het passeren van enkele mensen grapte Stephan ‘goh, volgens mij ben je nu de eerste vrouw’. Waarna ik meteen antwoordde ‘nu misschien wel, maar vast niet lang meer’. Na wat kronkelpaadjes door het bos heen werden we naar de afvalverwerking gestuurd. Niet een van de idyllische plaatsen waar je aan denkt bij trailrunning, maar tegen de tijd dat afval bedekt is door een flinke laag aarde en planten levert het vooral kuitenbijtende korte heuveltjes op. Hier werden we in meerdere lussen overheen gestuurd, en mensen die iets minder aan het opletten waren liepen hier al gauw verkeerd (maar echt, het stond prima aangegeven, mits je oplette). Mijn heuvelop tempo was weer eens bedroevend laag, dus Stephan moest met regelmaat wachten totdat ik weer bijgelopen was. Tsja, dat krijg je als je afspreekt rustig samen te lopen…
    Vervolgens liepen we onder het klimpark door weer richting startgebied, waar we over een kinderroute(?) tussen hagen en tunneltjes van boomtakken gestuurd werden. Na het oversteken van de weg kwam een erg lang, breed zandpad langs gewassen. Om de een of andere reden lijkt Stephan nooit langzamer te gaan op los zand, terwijl ik spontaan moeite moet gaan doen om bij te blijven. Niet zo fijn, maar ach, ‘wedstrijden’ schijn je ook fanatiek en zo hard mogelijk te kunnen lopen, in plaats van rustig het parcours rond te hobbelen. Dus dan maar iets meer moeite doen. En tsja, als een supporter langs de kant dan ook nog eens meldt ‘Je bent eerste vrouw’, dan begin je bijna te denken dat het zowaar mogelijk is! Aan het eind van het zandpad moesten we een irrigatie-geul overspringen (of doorheen gaan natuurlijk, eigen keuze) en dan weer een stukje door het bos. Om vervolgens na een bocht bij een eenzame zand-puist te belanden. Die je aan de ene kant op, en een paar meter verderop weer af moest (skiënd uiteraard). Evenals bij de ‘vuilnisheuvels’ staat ook bij deze heuvel een fotograaf, dus foto’s moeten er in ruime mate komen. Daarna waren we duidelijk op de weg terug (aan de andere kan van het veld met gewassen) en eigenlijk was ik daar best wel blij mee. We liepen echt geen snel gemiddelde, want het ging niet vanzelf die dag, maar ik lag wel nog steeds eerste. Tegen de tijd dat we in de buurt van de finish kwamen moesten we nog 1 zanderige lus door het bos afleggen. Daar was het praktisch onmogelijk om nog te weten welke kant je uiteindelijk op moest, zoveel bochtjes werden daar nog gemaakt. Tegen die tijd zat ik er behoorlijk doorheen, en dan heb ik de neiging nogal chagrijnig te worden (sorry lieverd). Ik was dan ook erg blij toen we het bos uitkwamen en ik wist dat 1 bochtje verder de finish zou liggen. Wonderbaarlijk genoeg kreeg ik er nog een kleine eindsprint uit, en een paar seconden later was ik officieel de eerste vrouw die binnen was op de trail. Nog steeds is dat een erg vreemde gedachte, gezien ik gewoonlijk ergens achter in de middenmoot eindig, maar het was wel erg leuk! En het heeft nog een paar knalgele lichtgewicht Haglöfs trailschoentjes opgeleverd ook. Na de finish kwamen we in gesprek met de derde vrouw van de trail, die vorig jaar de 15 km gewonnen bleek te hebben. Blijkbaar was het rondje dat ze voor de trail hadden uitgezet toch veel zwaarder dan de 15 km route, want hier had ze een half uur langer over gedaan!


    Was het dus een volwaardige trail? In mijn ogen niet. Hebben ze al het mogelijke gedaan om een leuke en uitdagende route uit te zetten in een klein en vlak gebied? Absoluut! Zo veel mogelijk kleine paadjes, het sporadische heuveltje dat er ligt werd meegenomen, en soms liep je gewoon buiten de paden. De betiteling ‘natuurloop’ zou deze route wellicht te kort doen, maar ‘trail’ is misschien teveel van het goede. Kunnen we hiervoor geen ‘semi-trail’ betiteling instellen? Het was in ieder geval leuk genoeg om volgend jaar weer terug te komen om mijn ‘titel’ te verdedigen. Alhoewel ik me dan misschien niet alleen laat vergezellen door vriendlief, maar ook door een kwispelende viervoeter :)
  • Review Suunto Ambit2 - Robin Kinsbergen
    September 4, 2013
    Mijn naam is Robin Kinsbergen (1967), sinds 2009 gepassioneerd trailrunner. Mijn eerste kennismaking met deze hardloopvorm was de Transalpine Run 2009. Als wijze van verwerken voor het  jonge overlijden van mijn schoonmoeder hiertoe besloten. Als er iemand in mijn omgeving de bergen adoreerde was zij het. Wat is er mooier dit postuum te beleven en haar uit te strooien op de mooiste stukken natuur welke Moeder Aarde ons te bieden heeft?
    Dat de traillverslaving mij daarna zo enorm in zijn greep heeft gekregen mogen duidelijk zijn; begonnen met toen nog onbekende Trails in de Ardennen als de OHM Trail, Trail des Fantomes met nog geen 30 lopers op de 50 km, Olne Spa Olne, Veluwezoomtrail, en diverse Alpen kneiters. Diverse hoogtepunten zijn voor mij blijvend de genoemde wedstrijden welke ik heb mogen ervaren in de Alpen. Dit jaar is de Transvulcania hierbij gekomen en ben ik momenteel de spullen aan het sorteren voor deelname aan de Tor des Geants welke zondag 8 september a.s. van start gaat.

    Kort voor vertrek naar La Palma voor deelname aan de Transvulcania 2013 werd ik blij verrast voor bewezen diensten door MST. Ik was al even aan het sparen en mijn huidige sporthorloge, Suunto T6 functioneerde nog prima maar een 'Ambit om de pols' stond sinds het uitkomen van de Ambit1 (april 2012) hoog op mijn verlanglijstje. ‘Of ik dit model wil testen?’
    Een schatting van het aantal testkilometers de afgelopen periode van 4 maanden begin mei tot heden is om en nabij 1400 KM. Getest tijdens intervalmomenten, korte trainingen, lange duurlopen en Ultra afstanden. Een tipje van de sluiter: ben geen moment teleurgesteld!
    De adviesprijs van dit model is €449,00 absoluut een behoorlijk bedrag maar het aanbod aan functies overtreft mijn stoutste verwachtingen met keer op keer nieuwe updates via Movescount.
    Movescount.com is een community waar Suunto gebruikers hun gegevens downloaden. Hier maak je een gebruikersnaam aan, je download jouw Suunto apparatuur software en telkens na een activiteit kan je middels het handige ‘krokodillenbekje’ wat je bevestitd aan de buitenzijde van het horloge alle gegevens uploaden en nieuwe updates downloaden. De synchronisatie komt direct tot stand bij aansluiting op de computer. Hier worden alle prestaties opgeslagen die je wilt bewaren. Van hartslag tot hoogtemeters en van temperatuur tot snelheid. Alles weergegeven in opvallend overzichtelijke grafieken. Het is hier ook mogelijk contact te onderhouden met anders sporters. Leuk voor het vergelijken van prestaties maar bijzonder bruikbaar om bijvoorbeeld routes te delen met elkaar. De eerste keer dat ik een training terugzag was ik echt helemaal om, met de grootste precisie kan je je gelopen route tot op de meter nauwkeurig terugvinden, wereldwijd.
    Bij het bekend maken op FB dat ik de Ambit2 zou gaan testen kwamen direct reacties uit de hoek van Polar en Garmin liefhebbers. Het doet wel wat denken aan de merkvastheid van Apple-lovers. Voor alle duidelijkheid probeer ik zo objectief mogelijk te zijn. Na gebruik van Polar sinds 2001 overgegaan naar de T6 in 2008. Eerlijkheid gebied mij te zeggen dat deze overgang al als zeer positief heb ervaren en dus wel al jaren fervent Suunto gebruiker ben. Een van de online opmerkingen was de Ambit niet geschikt zou zijn voor lange Ultra afstanden. Welnu, mijn ervaring is dat de Ambit2 zeer zeker geschikt voor intensief en langdurig gebruik.
    De 83,3 KM Ultra Trail Transvulcania hebben voor mij 13 uur in beslag genomen. Zowel de GPS als harstslagfunctie heb ik continu laten draaien. Tijdens de race was mij opgevallen na 65 km dat het batterij percentage nog maar op 11% stond, dit was na ongeveer na 8 uur intensief gebruik. Na de finish de opname uiteraard gestopt maar gedurende mijn hersteldagen met opzet niet aan de oplader. Uiteindelijk bleek de Ambit2 na 5 dagen nog altijd zijn werk te doen. Pas na thuiskomst heb ik het horloge weer opgeladen.
    Bij de finish was af te lezen een afstand van 71,27KM wat ruim 10 km minder dan de exacte afstand. Merkwaardig en ook de 3 reisgenoten uit NL (Jan Struycken, Adriaan den Elaart en Anne Kirschemann’) waarmee we deze wedstrijd hebben deelgenomen hadden een afstand van rond de 72 KM.  2 personen de Ambit1 en 2 personen de Ambit2 die allen een ruim verschil aangeven van ca. 10KM. Echter in wedstrijden in de Alpen waaronder de 4 etappes van de Salomon 4 Trails, en ook de Ardennen kwamen alle afstanden wel overeen met de gepubliceerde afstand door de organisatie. Navraag laat weten dat het mogelijk debet is aan zeer sterk slingerende terrein-tracks waardoor een optimale 100% GPS waarneming niet mogelijk blijkt.
    Afstanden van ruim 80 KM met intensief gebruik van diverse functies zijn dus zeer goed mogelijk met de Ambit2. Langer heb ik niet ervaren wanneer het een Ultra afstand betreft. De Salomon 4 Trails met gemiddeld 40 Km en 2500HM per dag was ook geen enkel probleem. Hier 2 momenten gebruikt om alle gegevens te downloaden en kort de batterij op te laden. Vervelend was dat waarschijnlijk door het vele bewegen één van de schroefjes van de polsband was losgeschud en dus schoof de band los. Met sporttape tijdelijk opgelost en later weer uitstekend opgelost met een nieuw schroefje. Prima service.
    Kortom, het gebruik van de Suunto Ambit2 voldoet voor mij nog beter dan verwacht. Sterker, ik ben er echt zeer enthousiast over. Degelijk, makkelijk in gebruik, nauwkeurig en inderdaad - het oog wil ook wat - een stoer horloge met een sportief design.
    Hier volgt de link van importeur Robijns met eigenschappen:
    http://www.robijns.nl/prod-info/suunto_modellen.php?merk=suunto&model=1044
    Mijn persoonlijke favoriete product reviewer is DC RAINMAKER:
    http://www.dcrainmaker.com/2013/04/suunto-ambit2-review.html
    Vragen? Plaats hieronder een reactie en wie weet kan ik deze beantwoorden.
  • Echappee Belle (RR)
    September 3, 2013
    Radical mountain racing
    Ik heb besloten dat ik geen trail runner ben. Niet dat ik dat ooit was, maar nu ben ik het zeker niet meer. De Ronda in twee dagen lopen en hetzelfde verhaal voor de Echappee Belle tonen aan dat de hobby die ik bedrijf eerder radical mountain racing heet.
    De Echappee Belle, een wedstrijd (143 km/11.000hm) van noord naar zuid door het massief van de Belledonne ten oosten van Grenoble ging over limieten. Bij perfect loopweer haalde van elke drie  starters er slechts één de finish. De rest gaf jankend op.
    Tot waar gaat trail running? Ik ben niet de enige die zich dat het afgelopen weekend in de Belledonne afvroeg. Na 60 km racen hield bij de grote ravito in Fond de France meer dan de helft van de lopers het voor gezien. Bussenvol teleurgestelde lopers werden afgevoerd. Het ruige parcours met extreem veel hoogtemeters in aanhoudend technisch terrein was de meest gehoorde reden voor de opgave. Dit was niet leuk meer, volgens velen, in de wetenschap dat het moeilijkste deel van de wedstrijd nog moest komen in de tweede helft van de race. De Col de Moretan op km 78, waarover zo meer, werd door sommigen met afgrijzen en ontzag genoemd.
    Het über-extreme kon mij wel bekoren. Denk ik. Die eindeloze aaneenschakeling van morenen, instabiele blokkenvelden en nauwelijks gedefinieerde sporen zijn prettig toeven, zeker als velen om je heen dat mentaal niet trekken. Dat is geen trail running, maar des te boeiender. Al heeft het meer te maken met alpien klimwerk dan met iets anders.
    Een etmaal na de start op vrijdagmorgen in Vizille, een dorpje nabij Grenoble, staat er bijna 80 km op de teller. We zijn goed halverwege. De pijn van het klimwerk van de afgelopen nachtelijke uren over de losse puinblokken naar boven is meteen vergeten als ik op de Col de Moretan sta. Mijn arm ligt open van het klauterwerk en de valpartijen tussen de blokken, merkt een van de mannen van de ‘secours’, die over onze veiligheid moeten waken boven op de col op. “Et ton bras, ça va?” Hij legt uit dat er vannacht iemand smerig onderuit ging in de afdaling die volgt, met als resultaat een open breuk aan zijn hand.
    Ik neem een paar minuten pauze om het adembenemende landschap in me op te nemen: Een chaos van grillige bergtopjes en graten strekt zich kilometers ver uit boven een dikke donslaag, gevormd door de ochtendmist in de dalen. Het Belledonne-massief is niet lief, maar rauw, ruig en puur. Hardcore en meedogenloos. En ook dat is een vorm van schoonheid. Ik neem een slurp appelmoes uit een zakje. Appelmoes is al een etmaal het meest vaste voedsel dat ik binnenhoud.
    Tijd voor de afdaling. De secoursmannen waarschuwen me: het sneeuwveld vlak onder de col is steil en verijst. Twee touwen moeten de lopers in het eerste stuk wat houvast bieden. Na de touwsectoren is het glibberen. Een loper voor me twijfelt en wacht even af wat ík ga doen. Ik zet met iets teveel bravoure een paar stappen voorbij hem en ga meteen onderuit. Geschreeuw boven me als ik wegschiet. Remmen op de ijsplaat is moeilijk, ik maak snel vaart. Al ik me op mijn buik heb geworsteld verlies ik een stok als ik het handvat in het ijs probeer te rammen om mijn val te stoppen. Als ik de punt van mijn andere stok in de keiharde sneeuw weet te hakken sta ik gelukkig snel stil. Ik sta stijf van de adrenaline. Ondanks de slaap ben ik klaarwakker en helder van geest. Boven me is het stil. Onder me hoor ik mijn verloren stok op de blokken tot stilstand komen. Als ik aangeef dat het met een sisser is afgelopen komen de lopers boven me op het sneeuwveld weer tot leven. De secoursmannen staan wat paniekerig te hupsen boven op de col, maar zijn te ver weg voor communicatie. Ik hoop dat ze de lopers vanaf nu niet meer over deze levensgevaarlijke ijsplaat sturen. Ik daal voorzichtig af naar de stok die tussen twee blokken graniet twintig meter lager zit geklemd. Ik had niet veel langer door moeten glijden. Ik zet mijn race voort. Alles doet het nog en ik ben door de glijpartij even helder als gisteren bij de start. De enige schade is het verlies van mijn fles DIY tovergel, naast appelmoes mijn enige voeding. Dit terrein is in combinatie met grote vermoeidheid een brisant mengsel. Ik vraag me af of de organisatie zich hiervan voldoende rekenschap heeft gegeven, maar het maakt zo’n race natuurlijk wel boeiend. Achteraf snap ik ook het afgrijzen van de lopers in Fond de France wel. Want na het verijste sneeuwveld volgt nog een uren durende Belledonne waardige afdaling met veel puinblokken en ander onheil…
    Dichtbij nul. De Echappee Belle was puur, hard, oprecht en Spartaans. De slaapmogelijkheden waren primitief en suboptimaal, het eten op de ravito’s was krap aan voldoende. De ravito’s lagen tot wel 9 uur uit elkaar, in mijn geval. Dat is ver. In deze omstandighedenlang lopen mondt makkelijk uit in een mentaal slagveld. Aan de andere kant was de organisatie klein, bereikbaar en zeer sympathiek. Met beperkte middelen wisten vrijwilligers een charmante context tot stand te brengen. Toch kom je als je zolang loopt altijd in een periode van enkele uren diepe ellendigheid uit. Ik begin de reinigende werking van die momenten in te zien. Dit soort loperij is niet leuk, maar leerzaam. Het geeft inzicht in je beperkingen en brengt je dichter bij de basis der dingen. Zo heb ik nog nooit zoveel plezier gehad van wat kwakjes laffe appelmoes van AH. En heb ik me nog nooit zo comfortabel gevoeld op een veldbedje in een schapenstal, onder een stuk zeil met strontresten en een jute voederzak, om een half uurtje slaap te pakken.
    De Spanjaard Oscar Perez, geen onbekende, schrijft de eerste aflevering van de Echappee Belle op zijn naam in 28 uur. Dat is aanzienlijk langer dan was voorzien door de organisatie. Sandrine Beranger wordt eerste vrouw in een respectabele 34 uur. Mijn Echappee eindigt na  50 uur ergens onderin het klassement.
    Na de finish en transfer naar Grenoble check ik bij in een hotel, douche ik de Belledonne van me af en slaap ik een paar uur. Die avond drink ik een pint op een terrasje en word ik voor goed eten doorverwezen naar restaurant les Archers. Dat mondt uit in ware schranspartij. Op hoog tempo zie ik obers halve kreeften op grote schalen bij diverse tafels uitserveren. Naar zoiets kan ik eindeloos kijken. Het is gelijk duidelijk dat hier wordt gewerkt met passie en gegeten met smaak. Ik bestel zes fines claires no 2 (oesters), om een basis te leggen. De garçon begrijpt waar hij aan toe is met het woeste wezen op teenslippers, dat zijn tanden lijkt te willen zetten in alles wat voorbij komt. Hij brengt na de oesters een salade Dauphinoise, met spekblokjes en kaas en een gepocheerd ei. Daarna een entrecote grillé. De garçon is er daarna van overtuigd dat ik best ook nog een tarte citron kan verwerken. Het ziet er mooi uit, een soort tulbandberg van schuim en daaronder een mierzoet verhaal met citroensmaak. Ik stem in. Als je twee etmaal door de Belledonne kan rennen, kun je zo’n schuimbergje ook nog wel aan…
    Die nacht rommelt mijn buik. Wat er in zit wil er uit. De tarte citron was achteraf bezien toch een bergje te veel.

    Sites:
    http://www.lechappeebelledonne.com/
    http://www.lesarchers.fr/


  • Van den Eelaart en Van Hoeck testen elkaar in de TAR
    August 31, 2013
    Zo, nog even en dan is het weer zover. Voor de vierde keer de TransAlpineRun of TAR of TA. Een beetje zachtlopen door de bergen. Iets waar ik nog een beetje mee kan doen. De TransAlpineRun wordt gelopen in koppels door de alpen van noord naar zuid en de route wisselt ieder jaar. Het ene jaar een oost route het andere jaar een west route. Dit jaar lopen we de west route en lopen we grotendeels een nieuw parcours. Extra leuk dit jaar: een verse partner. De vorige dame voldeed eigenlijk nog prima, maar ik had met mijn grote mond eens geroepen, dat ik wel eens hard wilde. Dus vorig jaar kreeg ik een resolute “Ga jij maar een snelle maat zoeken”.
    Dit jaar dus een verse partner. Voor ik eigenlijk wist wie de Belgische Veerle van Hoeck was waren we een team. Hoewel ze het volgens mij fijn zou vinden als niet iedereen veel van haar verwacht, moet ik erbij vertellen dat deze dame onwaarschijnlijk hard kan knallen door de Belgische Heuvels. En altijd met een lach en veel plezier.
    Voor de heren die haar niet kennen, dat kan. Als de meeste van ons binnen komen is zij allang en breed gedoucht. Zelfs de jury van sommige trails plaatst haar steevast bij de heren in de uitslagen, omdat ze niet kunnen geloven dat een dame zo hard kan. Nog een voordeel, met haar eeuwige lach is er de kans dat de cameraman mij dit jaar misschien niet mist, al is het dan natuurlijk niet om mij.
    Hoewel dit een recept voor een goede klassering zou kunnen zijn, is dat absoluut geen doelstelling. Plezier hebben en van Veerle begreep ik dat uitlopen op de eerste plaats staat. Als het dan ook nog goed gaat is het een bonus. Mijn ervaring bij een lange tocht als deze, is dat plezier hebben het belangrijkste is. Alleen dan kan je goed presteren. Ik heb al een dramatisch seizoen achter de rug, waar het gebrek aan plezier wel de boventoon voerde. Hoewel ik er geleden heb, heeft Veerle mij laten zien hoe dat ook alweer moet bij de prachtige Trail de la Lesse in België.
    Ik heb er zin in, zachtlopen door de bergen.  Hierbij alvast een voorproefje:

    Je kunt ons volgen via http://www.transalpine-run.com/
    Tekst: Adriaan van den Eelaart 
Headlines by FeedBurner

0 comentarios:

Publicar un comentario

Twitter Delicious Facebook Digg Stumbleupon Favorites More

 
Diseñado por José Touriño Campelo